ECLI:NL:CRVB:2026:930
Centrale Raad van Beroep
- Uitspraak
- 14 juli 2026
- Zaaknummer
- 24/20 PW
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Hoger beroep
Inhoudsindicatie
Intrekking van bijstand. Afwijzing aanvragen. Schending medewerkingsverplichting. Gerechtvaardigde inbreuk op privéleven. Niet verstrekken machtiging. Onduidelijke financiële situatie. Niet in geschil is dat sinds 2007 een huis in Turkije op naam van appellant stond. Ook is niet in geschil dat de moeder van appellant is overleden en dat appellant vanaf het tijdstip van overlijden aanspraak had op zijn erfdeel. Ter verifiëring van de omvang en waarde van het hele vermogen van appellanten mocht het dagelijks bestuur verlangen dat zij een machtiging verstrekken aan het IBF om nader onderzoek te doen. Vaststaat dat appellanten de verzochte machtiging niet hebben verstrekt en ook niet willen verstrekken. De consequenties van de keuze van appellanten om te volharden in hun weigering de machtiging te verstrekken dient in beginsel voor hun rekening moeten komen. Dit zou anders kunnen zijn als de door appellanten zelf verstrekte informatie voldoende inzicht zou geven in hun vermogenssituatie om het recht op bijstand te kunnen vaststellen. Dit is echter niet het geval.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.