ECLI:NL:GHAMS:2026:2009
Gerechtshof Amsterdam
- Uitspraak
- 2 juli 2026
- Zaaknummer
- 25/2035
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht; Belastingrecht
- Procedure
- Hoger beroep
Inhoudsindicatie
-
Uitspraak
1 Ontstaan en loop van het geding
1.1.
De inspecteur heeft zowel aan belanghebbende als aan zijn echtgenote een naheffingsaanslag overdrachtsbelasting en een verzuimboete opgelegd. In de bestreden uitspraak heeft de rechtbank als volgt beslist op het beroep van belanghebbende en het beroep van zijn echtgenote, waarbij belanghebbende en zijn echtgenote worden aangeduid als ‘eisers’ en de inspecteur als ‘verweerder’:
“De rechtbank:
- verklaart de beroepen gegrond;
- vernietigt de uitspraken op bezwaar;
- vernietigt de naheffingsaanslagen en de beschikkingen verzuimboete;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van de vernietigde bestreden besluiten;
- veroordeelt verweerder tot vergoeding van de immateriële schade van eisers tot een bedrag
van € 1.000;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eisers tot een bedrag van € 1.814; en
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van in totaal € 102 aan eisers te vergoeden.”
1.2.
Na het instellen van (pro forma) hoger beroep door de inspecteur zijn de volgende stukken ingediend:
de gronden van het hoger beroep door de inspecteur;
een verweerschrift door belanghebbende;
een conclusie van repliek door de inspecteur, en
een brief door belanghebbende.
1.3.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 16 juni 2026. Van het verhandelde ter zitting is een proces-verbaal opgemaakt dat met deze uitspraak wordt meegezonden.
2. Feiten
2.1.
De rechtbank heeft de volgende feiten vastgesteld:
“1. Eisers zijn gehuwd en hebben op 25 mei 2022 ieder de onverdeelde helft van een woning gelegen aan de [straat] 12 te [Z] (hierna: de woning) gekocht voor een bedrag van in totaal € 310.000. De verkoper is de oom van eiser. Eisers verklaren in de koopovereenkomst dat ze de woning gaan gebruiken als woonhuis en voornemens zijn er te gaan wonen.
2. De woning is een bedrijfswoning behorend bij het agrarisch bedrijf van de oom van eiser. Het bedrijf is gevestigd op de [straat] 12a te [Z] . Eiser heeft samen met zijn broer het bedrijf van hun oom overgenomen.
3. Bij akte van levering van 30 mei 2022 is de woning geleverd. In de akte van levering is opgenomen dat de feitelijke levering van het woonhuis uiterlijk 1 oktober 2022 zal plaatsvinden en dat de verkoper voor de voortgezette bewoning geen vergoeding verschuldigd is anders dan de gebruikerskosten.
4. Eiser is geboren op [datum 1] , eiseres op [datum 2] . Op het moment van de levering zijn eisers beiden jonger dan 35 jaar. Eisers doen in de akte van levering een beroep op de startersvrijstelling van artikel 15, eerste lid, onderdeel p, van de Wet op belastingen rechtsverkeer 1970 (hierna: WBR) en verklaren dat zij de woning anders dan tijdelijk als hoofdverblijf gaan gebruiken en dat zij de startersvrijstelling niet eerder hebben toegepast.
5. Nadat de verkoper de woning heeft verlaten, is de woning gesloopt en hebben eisers op dezelfde plek een nieuwe woning gebouwd.
Tijdlijn sloop en herbouw
6. Voor wat betreft de sloop en herbouw van de woning geldt van de volgende tijdlijn:
- Op 20 mei 2022 ontvangen eisers een offerte van aannemer [bedrijf 1] voor de herbouw van de woning.
- Op 18 september 2022 dienen eisers een principeverzoek in bij de gemeente voor de sloop en herbouw van de woning.
- Op 13 oktober 2022 heeft een andere aannemer de woning geïnspecteerd en geadviseerd dat slopen en herbouw te prefereren is boven verbouwen.
- Op 14 oktober 2022 bericht de gemeente dat ze in beginsel positief tegenover het principeverzoek staat.
- Op 24 oktober 2022 ontvangen eisers een offerte van [bedrijf 2] .
- Op 13 november 2022 tekenen eisers een intentieverklaring met aannemer [bedrijf 1] inzake de bouw van de woning.
- Op 10 januari 2023 tekenen eisers de offerte van [bedrijf 2] .
- Op 22 februari 2023 vragen eisers een omgevingsvergunning aan.
- Op 3 augustus 2023 wordt de omgevingsvergunning afgegeven.
- Na het afgeven van de vergunning starten de sloop- en bouwwerkzaamheden.
- Met ingang van 29 juni 2024 hebben eisers zich ingeschreven op het adres [straat] 12 te [Z] .”
2.2.
Nu de hiervoor vermelde feiten door partijen op zichzelf niet zijn bestreden zal ook het Hof daarvan uitgaan.
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.