ECLI:NL:GHAMS:2026:2168
Gerechtshof Amsterdam
- Uitspraak
- 28 juli 2026
- Zaaknummer
- 200.360.461
- Rechtsgebied
- Civiel recht
- Procedure
- Hoger beroep
Inhoudsindicatie
Hoger beroep tegen afwijzing faillietverklaring van ontbonden vennootschap. Anders dan rechtbank heeft geoordeeld is sprake van een (potentiële) bate. Immers, niet valt uit te sluiten dat een curator een mogelijke (kansrijke) vordering op grond van artikel 2:248 BW jegens de bestuurder zal kunnen instellen aangezien de vennootschap sinds haar oprichting in 2018 in het geheel geen jaarrekeningen heeft gedeponeerd. Niet kan worden geoordeeld dat op voorhand vaststaat dat een aan te stellen curator al zijn werkzaamheden voor eigen rekening moet gaan doen. Het is zinvol dat een curator onderzoek doet naar (eventuele) vermogensbestanddelen. Dit onderzoek kan grondiger geschieden dan bij de summiere behandeling van de aanvraag als bedoeld in artikel 6 lid 3 Fw (HR 10 november 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA8255). Voorts doet de gang van zaken rond de liquidatie van de vennootschap vragen rijzen over het handelen van de bestuurder. Zo is gebleken dat de aanvrager – en mogelijk ook andere schuldeisers - in het geheel niet is geïnformeerd over de liquidatie en dat geen enkel inzicht is geboden in de aard en hoogte van de schulden en (eventuele) vermogensbestanddelen. Door dit gebrek aan transparantie hebben de schuldeisers er belang bij dat een curator een onderzoek instelt naar de vraag of de vennootschap over meerdere baten beschikt(e) en zo ja, wat daarmee is gebeurd. Volgt vernietiging beschikking en alsnog faillietverklaring van de (ontbonden) vennootschap.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.