Naar hoofdinhoud

ECLI:NL:GHSHE:2026:1803

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Uitspraak
8 juli 2026
Zaaknummer
23/1850
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Belastingrecht
Procedure
Hoger beroep

Inhoudsindicatie

Leges omgevingsvergunning. Belanghebbende heeft in 2021 een aanvraag voor een omgevingsvergunning gevraagd. Het betreft een zogenoemd tweede fase vergunning. De eerste fasevergunning is verleend in 2007. Toen is vrijstelling verleend van het destijds geldende bestemmingsplan ‘Kom [woonplaats]’. Het perceel van belanghebbende viel onder dit bestemmingsplan. Dat bestemmingsplan is in 2011 vervangen door het bestemmingsplan ‘Kern [woonplaats]’. Het perceel van belanghebbende viel niet onder dat nieuwe bestemmingsplan. Het perceel is sindsdien niet bestemd (witte vlek). Pas met ingang van 2024 is het perceel weer bestemd. Het hof is van oordeel dat aangezien na het verstrijken van de periode van tien jaar, niet opnieuw een bestemmingsplan is vastgesteld voor het perceel van belanghebbende, de legessanctie van artikel 3.1, lid 4, Wro van toepassing is indien de verstrekte diensten verband houden met een bestemmingsplan. Van dit laatste is sprake, aangezien in de tweede fase ook is getoetst aan de verleende omgevingsvergunning eerste fase. Ook een splitsing is niet aan de orde, omdat er sprake is van één dienst van de gemeentebestuur. Het hof vernietigt om die reden de aanslag leges.

Uitspraak

Lees de hele uitspraak met een gratis account

Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.