ECLI:NL:GHSHE:2026:1844
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Uitspraak
- 15 juli 2026
- Zaaknummer
- 25/149
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht; Belastingrecht
- Procedure
- Hoger beroep
Inhoudsindicatie
De inspecteur heeft het verzoek om toepassing 30%-regeling van een Oekraïense man afgewezen. Volgens de inspecteur is de man niet omwille van zijn dienstbetrekking naar Nederland gekomen, zodat hij niet kwalificeert als ‘ingekomen werknemer’. Het hof gaat daar niet in mee: in de definitie van ‘ingekomen werknemer’ ligt niet besloten dat moet worden getoetst om welke redenen iemand naar Nederland gekomen is. Subsidiair heeft de inspecteur zich op het standpunt gesteld dat belanghebbende al in Nederland woonde dan wel al in Nederland werkte toen hij de arbeidsovereenkomst aanging. Het hof gaat ook daar niet in mee: op basis van de feiten en omstandigheden kan niet worden gezegd dat belanghebbende al in Nederland woonde, en er is ook geen sprake van dat hij zich al op de Nederlandse arbeidsmarkt begaf. Het hoger beroep is gegrond, omdat het verzoek om toepassing van de 30% regeling ten onrechte is afgewezen. Het hof beslist dat het verzoek alsnog wordt toegewezen.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.