ECLI:NL:RBAMS:2026:6950
Rechtbank Amsterdam
- Uitspraak
- 8 juli 2026
- Zaaknummer
- 13/303232-24
- Rechtsgebied
- Strafrecht; Materieel strafrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudig, Op tegenspraak
Inhoudsindicatie
Veroordeelde en zijn raadsvrouw hebben verzocht om de tenuitvoerlegging van de ISD-maatregel tussentijds te beëindigen. De rechtbank ziet hier geen ruimte voor, nu veroordeelde geen behandeling heeft gekregen voor de bij hem aanwezige problematiek. Hierdoor is voldaan aan het noodzaakscriterium voor voortzetting van de ISD-maatregel. Het recidivegevaar is nog onverminderd aanwezig, nu de (onbehandelde) problematiek van veroordeelde rechtstreeks samenhangt met de door hem gepleegde vermogensdelicten. De rechtbank bepaalt dan ook dat de tenuitvoerlegging van de ISD-maatregel wordt voortgezet.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.