Naar hoofdinhoud

ECLI:NL:RBAMS:2026:7180

Rechtbank Amsterdam

Uitspraak
14 juli 2026
Zaaknummer
11980208 \ CV EXPL 25-16392
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Verstek, Tussenuitspraak

Inhoudsindicatie

Huurzaak verstek. Ambtshalve toetsing Richtlijn 93/13 EG (de Richtlijn oneerlijke bedingen). In de huurovereenkomst staat alleen een opsomming van bedragen, zonder dat daarbij is vermeld waarvoor huurder deze bedragen betaald. Er is sprake van een niet-transparant en oneerlijk huurprijsbeding en servicekostenprijsbeding. Gevolg hiervan is evenwel dat de overeenkomst tot verhuur van de woning niet kan blijven voortbestaan en het servicekostenprijsbeding de consument niet bindt, tenzij de gedaagde partij daardoor zou worden geconfronteerd met uiterst nadelige consequenties en in zijn belangen wordt geschaad (zie artikel 6 lid 1 richtlijn), in welk geval de kantonrechter de overeenkomst kan aanvullen (zie onder andere ECLI:EU:C:2020:954). Nu de huurovereenkomst is afgesloten voor onbepaalde tijd en gedaagde partij nog in het gehuurde woont, ondervindt hij uiterst nadelige gevolgen bij het vervallen van de huurovereenkomst. Dit geeft aanleiding na schrapping van het oneerlijke beding de overeenkomst aan te vullen op basis van de Nederlandse regelgeving met betrekking tot het Woningwaarderingsstelsel. De kantonrechter bemoeit zich daarbij niet met de vraag welke prijs redelijk is voor de gehuurde woning, maar sluit zich, om de overeenkomst op juiste wijze aan te vullen, aan bij de Nederlandse regelgeving. Ten aanzien van de servicekosten kan nog niet worden geoordeeld of verval van de (gehele) overeenkomst ten aanzien van die service tot uiterst nadelig gevolgen leidt, omdat niet duidelijk is welke servicekosten in rekening worden gebracht. Tussenvonnis.

Uitspraak

Lees de hele uitspraak met een gratis account

Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.