ECLI:NL:RBAMS:2026:7700
Rechtbank Amsterdam
- Uitspraak
- 23 juli 2026
- Zaaknummer
- 12156757 \ EA VERZ 26-365
- Rechtsgebied
- Civiel recht; Arbeidsrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig, Beschikking
Inhoudsindicatie
Werknemer verzoekt om ontbinding van de arbeidsovereenkomst. De kantonrechter wijst het verzoek tot ontbinding toe. Aan werknemer wordt geen transitievergoeding en geen billijke vergoeding toegekend. De ontbinding is namelijk niet het gevolg van ernstig verwijtbaar handelen van werkgever. De nevenverzoeken worden gedeeltelijk toegewezen.
Uitspraak
1 De procedure
1.1.
[verzoeker] heeft op 23 maart 2026 een verzoekschrift, met producties, ingediend. Corpag heeft een verweerschrift, met producties, ingediend. Voorafgaand aan de mondelinge behandeling hebben beide partijen nog aanvullende producties ingediend.
1.2.
De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 29 juni 2026. [verzoeker] is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Namens Corpag zijn [naam 1] ( [functie 1] ), [naam 2] ( [functie 2] ) en [naam 3] ( [functie 3] ) verschenen, bijgestaan door de gemachtigde.
1.3.
De gemachtigden hebben spreekaantekeningen overgelegd en voorgedragen. Deze spreekaantekeningen zijn aan het dossier toegevoegd. Partijen zijn daarna gehoord en hebben vragen van de kantonrechter beantwoord. De griffier heeft aantekeningen gemaakt. Daarna is een datum voor de beschikking bepaald.
2. De feiten
2.1.
Corpag is een internationaal bedrijf dat zich richt op financiële dienstverlening. Zij heeft kantoren in verschillende landen.
2.2.
[verzoeker] is op 1 april 2013 in dienst getreden bij (de rechtsvoorganger) van Corpag, op basis van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. [verzoeker] werkt momenteel als [functie 4] ( [functie 4] ), tegen een salaris van € 10.954,- per maand exclusief vakantiebijslag en overige emolumenten.
2.3.
Corpag heeft een ‘sick leave policy’. Daarin staat dat na tien dagen ziekte 70% van het loon betaald wordt.
2.4.
Op enig moment heeft Corpag zorgen geuit over het gedrag en de kritische houding van [verzoeker] . Het ging daarbij met name om de manier waarop [verzoeker] communiceert en beslissingen van het management ter discussie stelt. Tijdens beoordelingsgesprekken in 2023 en 2024 is [verzoeker] daar over aangesproken.
2.5.
Vervolgens is tussen partijen een meningsverschil ontstaan. Om tot een oplossing te komen is mediation opgestart. In het kader daarvan zijn partijen op 21 november en 19 december 2024 met elkaar in gesprek gegaan.
2.6.
Corpag heeft op 9 januari 2025 een programma (Altera) op de werklaptop van [verzoeker] geïnstalleerd. Daarmee heeft Corpag op afstand toegang tot bestanden en activiteiten op de laptop.
2.7.
Op 8 januari 2025 hebben partijen weer een beoordelingsgesprek gevoerd. Corpag heeft bij e-mail van 15 januari 2025 een verslag van dit gesprek aan [verzoeker] gestuurd, met in de bijlage een zogenaamd Performance Improvement Plan (PIP). In dit (verbeter)plan staat dat het doel daarvan is om de werkhouding van [verzoeker] te verbeteren. [verzoeker] heeft bij e-mail van 20 januari 2025 aan Corpag laten weten dat hij zich niet kon vinden in de doelstellingen van het PIP en dat zijn voorkeur uitging naar een externe coach. Hij heeft het plan daarom niet ondertekend. Vervolgens is uiteindelijk een coachingstraject gestart, dat na enige tijd beëindigd is.
2.8.
In april 2025 is het bureau waar [verzoeker] aan werkte als hij in Amsterdam was, verplaatst. Nadat [verzoeker] had aangegeven dat hij dit onprettig vond, is het bureau weer teruggezet.
2.9.
Corpag heeft bij e-mail van 12 mei 2025 voorgesteld om opnieuw een tussentijds evaluatiegesprek in te plannen. Corpag heeft [verzoeker] er in die e-mail op gewezen dat hij een aantal keren niet aanwezig was geweest bij meetings en e-mails niet beantwoordde, en dat hij daarmee werkinstructies weigerde. Partijen hebben vervolgens op 14 en 21 mei 2025 gesproken. In het gesprek van 21 mei 2025 heeft Corpag aan [verzoeker] verteld dat twee collega’s over zijn negatieve houding geklaagd zouden hebben. [verzoeker] heeft die collega’s vervolgens opgebeld om na te vragen of dit klopt.
2.10.
Bij e-mail van 26 mei 2025 heeft ( [functie 1] van) Corpag aan [verzoeker] laten weten dat het (verbeter)traject een aantal maanden gepauzeerd zou worden, om rust te creëren. Ook heeft Corpag in die e-mail aan [verzoeker] gevraagd om te blijven communiceren met, en te reageren op e-mails van, [functie 3] en [functie 2] .
2.11.
Corpag heeft [verzoeker] er in juni 2025 meerdere keren op gewezen dat van hem verwacht wordt dat hij binnen een redelijke tijd op e-mails reageert. Daarnaast heeft Corpag bij e-mail van 19 juni 2025 aangekondigd dat het verbetertraject voortgezet zou gaan worden, en [verzoeker] uitgenodigd voor een meeting op 2 juli 2025. [verzoeker] is meermaals aan die uitnodiging herinnerd.
2.12.
Bij e-mail van 1 juli 2025 heeft Corpag opnieuw aan [verzoeker] gevraagd om reactie op een eerdere e-mail. Verder heeft Corpag aan [verzoeker] gevraagd om, vanwege oplopende werknemerskosten, te tanken bij tankstations die niet aan de snelweg liggen. Vervolgens is het limiet van de zakelijke creditcard van [verzoeker] verlaagd. [verzoeker] heeft op de e-mail gereageerd dat hij bereid was om in gesprek te gaan, zo lang dit niet over het verbetertraject zou gaan. Hij wilde een dergelijk gesprek namelijk alleen voeren met zijn advocaat erbij.
2.13.
Op 2 juli 2025 hebben partijen met elkaar gesproken. Corpag heeft [verzoeker] in dat gesprek tijdelijk vrijgesteld van zijn werkzaamheden, met behoud van loon. Dit is bij brief van 2 juli 2025 aan [verzoeker] bevestigd.
2.14.
[verzoeker] heeft zich op 11 juli 2025 ziekgemeld.
2.15.
Op 16 juli 2025 zouden partijen een voortgangsgesprek voeren. Corpag heeft [verzoeker] voorafgaand aan dat gesprek per e-mail een ‘Plan: Aanpassing rapportagelijn en werkpatroon medewerker’ gestuurd. Daarin is opgenomen dat [verzoeker] vanaf 17 juli 2025 voor een tijdelijke periode van drie maanden aan een andere manager zal rapporten. Het voortgangsgesprek is vanwege de ziekmelding van [verzoeker] niet doorgegaan.
2.16.
Vanaf 21 juli 2025 is Corpag 70% van het loon gaan betalen.
2.17.
In augustus 2025 heeft [verzoeker] gesproken met een bedrijfsarts. In de terugkoppeling van de bedrijfsarts van 22 augustus 2025 staat, voor zover van belang, dat er een directe relatie is tussen de ziekmelding en het arbeidsconflict. De bedrijfsarts heeft geadviseerd om nogmaals mediation in te zetten om tot oplossingen te komen. Verder heeft de bedrijfsarts een time out van maximaal twee weken tot uiterlijk 5 september 2025 geadviseerd, waarna [verzoeker] per die datum hersteld kon worden.
2.18.
Corpag heeft, na navraag gedaan te hebben bij de arbodienst, [verzoeker] op 5 september 2025 hersteld gemeld. Op diezelfde dag hebben partijen telefonisch met elkaar gesproken. Corpag heeft vervolgens mediation in gang gezet.
2.19.
Bij e-mail en brief van 8 september 2025 is [verzoeker] door Corpag dringend verzocht om zijn werkzaamheden uiterlijk de volgende dag te hervatten. Ook heeft zij [verzoeker] er op gewezen dat, als hij het niet eens is met het advies van de bedrijfsarts, hij een second opinion bij de bedrijfsarts of een deskundigenoordeel bij het UWV kan aanvragen. Dat heeft hij niet gedaan.
2.20.
Partijen hebben op 9 september 2025 met elkaar gesproken. Na afloop daarvan heeft [verzoeker] bij e-mail aan de arbodienst herhaald dat hij het niet eens is met het advies en gevraagd wat er precies van hem verwacht wordt. Partijen hebben daarna bij e-mails van 10 september 2025 met elkaar gesproken over het voortzetten van de werkzaamheden, waarbij Corpag heeft voorgesteld dat [verzoeker] de eerste dagen vanuit huis zou werken.
2.21.
[verzoeker] is vervolgens niet op kantoor verschenen en was onbereikbaar voor Corpag. Daarom heeft Corpag bij e-mail van 15 september 2025 het loon opgeschort. [verzoeker] heeft daar, bij e-mail van 17 september 2025, op gereageerd door te benadrukken dat er eerst een oplossing voor het conflict moest komen, maar dat hij bereid was om zijn werk te hervatten.
2.22.
[verzoeker] heeft zich op 1 oktober 2025 (opnieuw) ziekgemeld. Over de periode van 15 september tot 1 oktober 2025 heeft [verzoeker] (na correctie) 100% van zijn loon ontvangen.
2.23.
Bij e-mail van 6 oktober 2025 is [verzoeker] geïnformeerd dat alle niet noodzakelijke zakelijke creditcards, waaronder die van [verzoeker] , zijn opgeheven.
2.24.
[verzoeker] heeft op 6 oktober 2025 met de bedrijfsarts gesproken. In de terugkoppeling van de bedrijfsarts van 8 oktober 2025 is opgenomen dat de beperkingen sinds het vorige spreekuur verergerd waren. Verder staat daar in dat [verzoeker] ziekgemeld was vanwege een medische oorzaak, maar dat er ook een werkgerelateerde kwestie was die niet bijdroeg aan zijn herstel. Volgens de bedrijfsarts waren er geen re-integratiemogelijkheden. De bedrijfsarts heeft geadviseerd om mediation in te zetten om te werken naar een oplossing.
2.25.
Vervolgens heeft Corpag bij brief van 10 oktober 2025 aan [verzoeker] laten weten dat van hem voorlopig geen re-integratie-inspanningen verwacht werden en dat zijn loon per 1 oktober 2025 voor 70% uitbetaald zou worden.
2.26.
Partijen hebben op 4 november 2025 opnieuw in het kader van mediation een gesprek gevoerd. Die mediation is na dat gesprek weer beëindigd.
2.27.
Rond 18 november 2025 heeft Corpag een deskundigenoordeel bij het UWV aangevraagd. Corpag heeft het UWV daarbij gevraagd om te beoordelen of [verzoeker] voldoende aan zijn re-integratieverplichtingen heeft voldaan. Het UWV heeft daarop bij deskundigenoordeel van 4 december 2025 geoordeeld dat de re-integratie-inspanningen van [verzoeker] over de periode van 11 juli 2025 tot 18 november 2025 voldoende waren.
2.28.
[verzoeker] heeft in december 2025 en in februari 2026 opnieuw met de bedrijfsarts gesproken. Uit de periodieke evaluatie van de bedrijfsarts van 6 februari 2026 volgt dat de medische beperkingen van [verzoeker] onveranderd waren. Ook concludeerde de bedrijfsarts dat er nog steeds werkgerelateerde problemen speelde die het herstel belemmerde.
2.29.
Vervolgens heeft [verzoeker] in maart 2026 een verzoekschrift tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst ingediend.
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.