ECLI:NL:RBAMS:2026:8046
Rechtbank Amsterdam
- Uitspraak
- 4 augustus 2026
- Zaaknummer
- 11837839 WM VERZ 25-13045
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie
Geslotenverklaring Laan van Vlaanderen. Ontheffing is niet geldig omdat de weg niet is gereserveerd voor een lijnbus.
Uitspraak
GRONDEN VAN DE BESLISSING
1. Betrokkene wordt verweten een weg te hebben gebruikt in strijd met een geslotenverklaring voor alle motorvoertuigen (bord C12). De gedraging is geconstateerd op 1 november 2024 om 16:29 uur op de Laan van Vlaanderen te Amsterdam.
2. Het beroep is tijdig ingesteld.
3. Betrokkene voert – kort samengevat – aan dat de bebording onduidelijk is en dat hij niet meteen kon keren. Daarnaast stelt hij dat hij ter plaatse mocht rijden omdat hij als
taxichauffeur een ontheffing heeft voor een lijnbusbaan.
4. Verweerder heeft zich ter zitting op het standpunt gesteld dat het beroep ongegrond moet worden verklaard. De ontheffing ziet alleen op de lijnbusbaan. Daar is hier geen sprake van. Volgens verweerder is bebording, gelet op de stukken in het dossier, voldoende duidelijk. Het blijft de eigen verantwoordelijkheid van betrokkene om op de bebording te letten.
5. Het volgende wordt overwogen.
6. Uit het zich in het dossier bevindende zaakoverzicht blijkt dat de overtreding automatisch is geconstateerd en op een digitale foto is vastgelegd. De camera is geplaatst na het bord C12 met onderbord ‘ma t/m vrij 07:00 – 10:00 H en 16:00 – 19:00 H’ en ‘uitgezonderd lijnbussen’. De camera heeft vastgelegd dat het voornoemde voertuig kwam uit de zuidelijke richting van de Eisdenstraat en reed in noordelijke richting naar de Plesmanlaan. De camera heeft vastgelegd dat de bestuurder van het voertuig het bord C12 negeerde en de geslotenverklaring in reed.Bebording
7. De juiste plaatsing van de verkeersborden wordt maandelijks geschouwd door een boa. In het dossier bevinden zich twee schouwrapporten van de bebording, daterend van voor en na de aan betrokkene verweten gedraging en hieruit blijkt dat de bebording – zowel het bord C12 als het vooraankondigingsbord – op beide momenten ter plaatse aanwezig was en conform de wet en regelgeving was geplaatst. Gelet op het vooraankondigingsbord was er voldoende mogelijkheid om te keren of een alternatieve route te kiezen. Gedraging
8. Betrokkene heeft een boete gekregen voor het inrijden van een weg waarvoor een geslotenverklaring geldt. Van 1 november 2023 tot en met 31 december 2023 is door de gemeente een waarschuwingsperiode van kracht. Als in deze periode toch een boete is opgelegd, is een ingesteld beroep gegrond. Boetes die zijn opgelegd voor overtredingen met betrekking tot de geslotenverklaring in andere periodes zijn in beginsel terecht opgelegd en een ingesteld beroep daarover ongegrond. Dit geldt ook voor het beroep van betrokkene nu de overtreding is geconstateerd op eerdergenoemde datum.
9. Gelet op het voorgaande staat vast dat betrokkene de gedraging heeft verricht, zodat geen aanleiding is te oordelen dat de sanctie ten onrechte aan betrokkene is opgelegd. De ontheffing is niet geldig bij dit bord, omdat de weg niet is gereserveerd voor een lijnbus (de weg betreft niet een ‘lijnbusbaan of lijnbusstrook waarvan sprake is in de ontheffing). Alleen speciaal vervoer (zoals RMC) mag op deze locatie rijden. Daar is hier geen sprake van, althans onvoldoende gebleken.
10. Daarom wordt beslist als volgt.
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.