ECLI:NL:RBDHA:2026:17822
Rechtbank Den Haag
- Uitspraak
- 1 juli 2026
- Zaaknummer
- NL25.51186 NL25.51186
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie
Inburgeringsvereiste - De minister heeft bij afwijzing van de aanvragen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, gezien de bijzondere feiten en omstandigheden de onevenredige gevolgen voor eisers onvoldoende onderkend en gewogen. De heeft minister pas na verloop van bijna zes jaar op de eerste asielaanvragen van eisers beslist. Als gevolg daarvan zijn de verblijfsvergunnineng asiel voor bepaalde tijd pas verleend nadat de oorspronkelijke geldigheidsduur daarvan feitelijk al was verstreken. Daardoor zijn eisers in een positie gebracht dat zij onmiddellijk aanvragen om een verblijfsvergunningen asiel voor onbepaalde tijd moesten indienen, terwijl zij nog niet in staat waren gesteld aan de voorwaarden daarvan te kunnen voldoen. Gegrond
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.