ECLI:NL:RBDHA:2026:18222
Rechtbank Den Haag
- Uitspraak
- 1 juli 2026
- Zaaknummer
- NL25.26127
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie
Beroep tegen afwijzing van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis, beroep ongegrond. Voor zover eisers betogen dat de overgelegde kopie van de traditionele huwelijksakte voldoende moet zijn om de familierechtelijke relatie tussen hen aan te tonen, volgt de rechtbank dit niet. De rechtbank is van oordeel dat verweerder zich op goede gronden op het standpunt heeft gesteld dat eiseres en referent niet aannemelijk hebben gemaakt dat er op het peilmoment tussen hen sprake was van een feitelijke gezinsband. Verder volgt de rechtbank eisers niet in hun stelling dat het bestreden besluit onredelijk hard is. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder in dit geval deugdelijk gemotiveerd waarom hij niet ambtshalve aan artikel 8 van het EVRM heeft getoetst. De rechtbank ziet in de overige beroepsgronden geen aanleiding om het bestreden besluit te vernietigen.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.