ECLI:NL:RBDHA:2026:18225
Rechtbank Den Haag
- Uitspraak
- 3 juli 2026
- Zaaknummer
- NL24.40471
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie
MK landenbeleid Jemen, de minister heeft in strijd met het Vb ten onrechte geen medisch advies heeft aangeboden aan eiser, ook is de rechtbank van oordeel dat niet inzichtelijk is geworden hoe de elementen uit het arrest CF en DN alles tezamen hebben geleid tot de conclusie dat in Jemen, specifiek de hoofdstad Sana’a, geen sprake is van een uitzonderlijk niveau van willekeurig geweld. De minister heeft niet op deugdelijke wijze de humanitaire omstandigheden betrokken en daarmee niet in lijn gehandeld met de uitspraak van de Afdeling van 16 juli 2025. De rechtbank is ten slotte van oordeel dat de minister niet heeft voldaan aan de opdracht van de Afdeling door niet te beoordelen of de humanitaire omstandigheden in Jemen die geen verband houden met willekeurig geweld, strijd opleveren met artikel 3 van het EVRM. Het beroep is gegrond.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.