ECLI:NL:RBDHA:2026:19268
Rechtbank Den Haag
- Uitspraak
- 9 juli 2026
- Zaaknummer
- NL24.21094 en NL24.21095
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudig, Voorlopige voorziening+bodemzaak
Inhoudsindicatie
Samenvatting: 80-jarige vrouw die sinds 2022 bij haar zoon verblijft en met een beroep op vrijstelling van het mvv-vereiste wegens medische situatie en vrijstelling op grond van artikel 8 van het EVRM om een verblijfsvergunning heeft gevraagd. Het beroep is gegrond omdat de minister de beide vrijstellingsgronden ondeugdelijk heeft beoordeeld. Ook het beroep op de schrijnendheid is ondeugdelijk beoordeeld. De minister dient een nieuw besluit te nemen.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.