ECLI:NL:RBDHA:2026:19415
Rechtbank Den Haag
- Uitspraak
- 13 juli 2026
- Zaaknummer
- VK 25/15616
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie
Afwijzing verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd voor het verblijfsdoel ‘niet-tijdelijke humanitaire gronden’ na eerder gegrond verklaard beroep. De minister heeft de aanvraag bij zijn belangenafweging, in het kader van de vraag of op grond van het privéleven dat eiser in Nederland heeft opgebouwd vrijstelling van het mvv-vereiste moet worden verleend, namelijk niet alle relevante feiten en omstandigheden betrokken. Niet blijkt uit het bestreden besluit dat de minister initiatieven heeft genomen om eiser uit Nederland te verwijderen. Dit is echter wel een factor die moet worden meegewogen in de belangenafweging, zie Werkinstructie (WI) 2020/16 onder 10.3. De minister heeft er in het besluit, en ook ter zitting, op gewezen dat eiser meerdere keren een aanzegging heeft gekregen Nederland te verlaten. Daarmee is het handelen van overheid gedurende de periode van illegaal verblijf van eiser in Nederland echter onvoldoende bij de belangenafweging betrokken. Het beroep is gegrond en de minister moet een ni
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.