ECLI:NL:RBDHA:2026:19811
Rechtbank Den Haag
- Uitspraak
- 10 juli 2026
- Zaaknummer
- NL25.40510
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie
Beroep gegrond. De rechtbank constateert dat de minister in het bestreden besluit weliswaar concludeert dat eiser geen verblijfsvergunning krijgt op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vw, omdat de geloofwaardig geachte asielmotieven niet te herleiden zijn tot één van de gronden van het Vluchtelingenverdrag. De minister heeft echter nagelaten om dit in het bestreden besluit te motiveren. De minister heeft namelijk niet inzichtelijk gemaakt waarom de door eiser gestelde feiten en omstandigheden niet leiden tot verlening van de vluchtelingenstatus.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.