ECLI:NL:RBDHA:2026:21940
Rechtbank Den Haag
- Uitspraak
- 7 augustus 2026
- Zaaknummer
- 09/228249-25
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudig, Op tegenspraak
Inhoudsindicatie
De rechtbank veroordeelt de verdachte voor doodslag op zijn broer. De rechtbank acht bewezen dat alle 33 steek- en 102 snijletsels zijn toegebracht door de verdachte. De rechtbank acht voorbedachte raad niet bewezen. Bij de verdachte was sprake van een psychose. Deze stoornis was ook aanwezig ten tijde van het feit. De rechtbank sluit zich hierbij aan bij het PBC rapport. De rechtbank gaat ervan uit dat de verdachte ten tijde van het feit in enige mate in staat was om zijn handelen te sturen, daardoor is geen sprake van volledige ontoerekeningsvatbaarheid. De rechtbank acht de verdachte sterk verminderd toerekeningsvatbaar en legt op een gevangenisstraf voor de duur van 6 jaar met aftrek van het voorarrest en de maatregel van tbs met dwangverpleging. De vordering van de benadeelde partij (affectieschade zus, geen beroep op hardheidsclausule) wordt niet-ontvankelijk verklaard.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.