Naar hoofdinhoud

ECLI:NL:RBDHA:2026:23962

Rechtbank Den Haag

Uitspraak
14 augustus 2026
Zaaknummer
26.9581
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig

Inhoudsindicatie

Eiser heeft in 2024 asiel gekregen en vervolgens mvv-nareis aangevraagd voor zijn echtgenote en vier kinderen, zodat zijn gezin naar Nederland kan komen. De minister heeft nog steeds niet op de aanvraag beslist, ondanks drie eerdere uitspraken van de rechtbank. De minister wil nu wachten op een richtinggevende uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State over de vraag of de per 12 juni 2026 ingevoerde strengere regels voor gezingshereniging ook mogen worden toegepast op ruim 19.000 lopende aanvragen, waaronder die van eiser. Eiser vindt dat onaanvaardbaar, omdat zijn vrouw en kinderen in Libanon verblijven in een onveilige situatie vanwege bombardementen. De rechtbank oordeelt dat de minister de zaak te lang heeft laten liggen en onvoldoende oog heeft voor de individuele omstandigheden, vooral de veiligheid en het welzijn van de kinderen. Dit heeft negatief effect op het recht op familie- en gezinsleven en het recht van kinderen op bescherming. Daarom verklaart de rechtbank het beroep gegrond en draagt zij de minister op om binnen twee weken alsnog te beslissen. Als de minister weer niet beslist ondanks de opdracht van de rechtbank daartoe, dan moet eiser worden behandeld alsof de mvv voor zijn echtgenote en kinderen is verleend, zodat zij dan naar Nederland kunnen komen.

Uitspraak

Lees de hele uitspraak met een gratis account

Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.