ECLI:NL:RBGEL:2026:6401
Rechtbank Gelderland
- Uitspraak
- 12 augustus 2026
- Zaaknummer
- ARN 24/8999
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht; Belastingrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie
AWB 24/8999 WOZ
Uitspraak
Feiten en gronden van het verzet
1. Opposant als belanghebbende heeft op 13 december 2024 beroep ingesteld tegen de uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar van 6 november 2024.
2. De griffier heeft opposant als belanghebbende bij brief van 14 december 2024 gewezen op de verschuldigdheid van het griffierecht en meegedeeld dat dit binnen vier weken moet zijn voldaan. De griffier heeft vervolgens bij aangetekend verzonden brief van 21 januari 2025 opposant als belanghebbende nogmaals in de gelegenheid gesteld het griffierecht te betalen binnen vier weken na dagtekening van die brief. Uit informatie van PostNL is gebleken dat de aangetekend verzonden brief op 24 januari 2025 om 10:44 uur is aangeboden, maar dat bezorging niet is gelukt, waarna de aangetekend verzonden brief opgehaald kon worden bij een PostNL-punt, hetgeen niet is gebeurd. De rechtbank heeft de aangetekende brief vervolgens op 12 februari 2025 retour ontvangen. Vervolgens heeft de griffier deze brief op 14 februari 2025 in het digitale dossier geplaatst met een nieuwe betalingstermijn van twee weken.
3. De nota griffierecht is tenaamgesteld op [gemachtigde] en heeft betalingskenmerk [nummer] .
4. Opposant is van mening dat zijn beroep ten onrechte niet-ontvankelijk is verklaard, omdat hij wel tijdig het verschuldigde griffierecht heeft voldaan. Hij stelt dat hij op
8 januari 2025 een bedrag van € 370 heeft betaald en op 5 maart 2025 een bedrag van € 1. Hij heeft ter onderbouwing een schermprint van de betaling overgelegd met daarbij vermeld het betalingskenmerk. Daarnaast geeft hij aan dat de tenaamstelling van de nota onjuist is. Niet [gemachtigde] heeft beroep ingesteld, maar de Korpschef van de politie. Laatstgenoemde had dus ook de nota griffierecht behoren te krijgen en niet [gemachtigde] . De nota griffierecht heeft [gemachtigde] uiteindelijk ook niet bereikt, hij heeft alleen een e-mail van het secretariaat van het Dienstencentrum gehad dat in onderhavige zaak nog griffierecht verschuldigd was. Hij is er toen met enige moeite in geslaagd om het griffierecht zonder een aan de Korpschef van de politie gerichte nota te laten betalen. Er is in eerste instantie abusievelijk slechts € 370,- overgemaakt, waarna de resterende € 1,- na het vervallen van de betaaltermijn (alsnog) is betaald.
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.