ECLI:NL:RBGEL:2026:6424
Rechtbank Gelderland
- Uitspraak
- 13 augustus 2026
- Zaaknummer
- K/5001/12136570 \ VV EXPL 26-34
- Rechtsgebied
- Civiel recht; Verbintenissenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig, Kort geding
Inhoudsindicatie
Kort geding. Verstek. Vordering tot herstel van gebreken aan het gehuurde. Bij gebreke van verweer daarentegen, gaat de kantonrechter uit van de aanwezigheid van de door eisers gestelde gebreken aan het gehuurde. Daarbij wordt er vanuit gegaan dat de achterwand van het gehuurde beschadigd is geraakt, in die zin dat de buitenmuur deels is afgebrokkeld en de spouw bloot is komen te liggen. Ook wordt er vanuit gegaan dat er sprake is van lekkage aan de zijmuur van het gehuurde en dat er als gevolg van de beschadigde achtermuur, en het uitblijven van herstel daarvan, vocht en tocht het gehuurde binnendringt en zich (steen)marters in het gehuurde hebben gevestigd. Deze gebreken leiden tot een aantasting van het huurgenot van eisers. Op grond van artikel 7:206 lid 1 BW is gedaagde gehouden deze gebreken op verlangen van eisers te herstellen. Niet gebleken is dat dit tot op heden is gebeurd De vordering tot herstel wordt dan ook toegewezen, een en ander conform de werkzaamheden zoals vermeld op de offerte d.d. 22 juli 2026 van Van den Brink. Daarbij staat het gedaagde vrij om deze werkzaamheden te laten uitvoeren door een andere partij.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.