ECLI:NL:RBNHO:2026:8618
Rechtbank Noord-Holland
- Uitspraak
- 14 juli 2026
- Zaaknummer
- 15/204323-20
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie
Integrale vrijspraak Feit 1 art. 6 (primair) Wvw 1994, art. 5 Wvw 1994 (subsidiair), art. 19 Rvv (meer subsidiair) Feit 2 art. 7 Wvw 1994
Uitspraak
1 Tenlastelegging
Aan de verdachte is – samengevat – ten laste gelegd dat hij:
Feit 1 primair:
op 25 juli 2020 te Zuiderwoude zich zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden, doordat hij niet in staat was om zijn auto tot stilstand te brengen binnen de afstand waarover hij de weg kon overzien en waarover deze vrij was. Hij heeft immers niet voortdurend en/of onvoldoende zijn aandacht bij de weg en/of het verkeer gehouden en/of op de weg gelet en heeft naar een mobiele telefoon en/of de navigatie gekeken en/of daar instructies over het gebruik daarvan gegeven en/of is niet in staat geweest om de voetganger [slachtoffer] te ontwijken waarna de verdachte met zijn auto tegen/over haar is gereden, waardoor zij is gedood; (artikel 6 Wegenverkeerswet 1994, hierna: Wvw)
Feit 1 subsidiair:
op 25 juli 2020 te Zuiderwoude op de Waterlandse Zeedijk ( Provincialeweg N518 ) heeft gereden op zodanige wijze dat gevaar of hinder op die weg werd veroorzaakt, doordat hij niet in staat was om zijn auto tot stilstand te brengen binnen de afstand waarover hij de weg kon overzien en waarover deze vrij was. Hij heeft immers niet voortdurend en/of onvoldoende zijn aandacht bij de weg en/of het verkeer gehouden en/of op de weg gelet en heeft naar een mobiele telefoon en/of de navigatie gekeken en/of daar instructies over het gebruik daarvan gegeven en/of is niet in staat geweest om de voetganger [slachtoffer] te ontwijken waarna de verdachte met zijn auto tegen/over haar is gereden, door welke gedraging gevaar op die weg werd of kon worden veroorzaakt; (artikel 5 Wvw)
Feit 1 meer subsidiair
op 25 juli 2020 te Zuiderwoude op de Waterlandse Zeedijk ( Provincialeweg N518 ) zodanig snel heeft gereden dat hij niet in staat was om zijn motorrijtuig tot stilstand te brengen binnen de afstand waarover hij de weg kon overzien en waarover deze vrij was, doordat hij niet in staat was om zijn auto tot stilstand te brengen binnen de afstand waarover hij de weg kon overzien en waarover deze vrij was. Hij heeft immers niet voortdurend en/of onvoldoende zijn aandacht bij de weg en/of het verkeer gehouden en/of op de weg gelet en heeft naar een mobiele telefoon en/of de navigatie gekeken en/of daar instructies over het gebruik daarvan gegeven en/of is niet in staat geweest om de voetganger [slachtoffer] te ontwijken waarna de verdachte met zijn auto tegen/over haar is gereden; (artikel 19 Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, hierna: RVV)
Feit 2
op 25 juli 2020 te Zuiderwoude een verkeersongeval heeft veroorzaakt en de plaats van dat ongeval heeft verlaten, terwijl hij wist of moest vermoeden dat schade was toegebracht, [slachtoffer] in hulpeloze toestand werd achtergelaten of [slachtoffer] was gedood. (artikel 7 Wvw)
De volledige tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht en maakt daarvan deel uit.
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.