Naar hoofdinhoud

ECLI:NL:RBNNE:2026:3462

Rechtbank Noord-Nederland

Uitspraak
11 augustus 2026
Zaaknummer
LEE 26/2105
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
Procedure
Voorlopige voorziening

Inhoudsindicatie

In deze uitspraak beslist de voorzieningenrechter op het verzoek om een voorlopige voorziening van verzoeker. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet. Omdat het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk is doet de voorzieningenrechter uitspraak zonder zitting. Artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk. De voorzieningenrechter legt hierna uit waarom het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk is. Onder “kennelijk” wordt verstaan dat er redelijkerwijs geen twijfel mogelijk is.

Uitspraak

Lees de hele uitspraak met een gratis account

Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.