Naar hoofdinhoud

ECLI:NL:RBOBR:2026:4947

Rechtbank Oost-Brabant

Uitspraak
17 juli 2026
Zaaknummer
12134093 \ EJ VERZ 26-161
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Beschikking

Inhoudsindicatie

In deze zaak verzoekt werkneemster onder meer om vernietiging van een ontslag op staande voet dat door werkgever is gegeven. De kantonrechter wijst het verzoek toe, omdat het ontslag op staande voet niet onverwijld is gegeven, met als gevolg dat het ontslag op staande voet niet rechtsgeldig is. Het (voorwaardelijke) tegenverzoek van werkgever tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wijst de kantonrechter af. Er is geen redelijke grond voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Dat betekent dat de arbeidsovereenkomst voortduurt en werkneemster recht heeft op wedertewerkstelling en doorbetaling van het loon.

Uitspraak

Lees de hele uitspraak met een gratis account

Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.