ECLI:NL:RBOBR:2026:5990
Rechtbank Oost-Brabant
- Uitspraak
- 21 augustus 2026
- Zaaknummer
- 25/934 en 26/554
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht; Omgevingsrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudig, Voorlopige voorziening+bodemzaak
Inhoudsindicatie
De rechtbank beoordeelt aan twee eisers opgelegde lasten onder dwangsom vanwege overtreding van de specifieke zorgplicht in artikel 2.11 van het Bal. Daarbij gaat de rechtbank in op de volgende vragen. 1. Is de opslag van spuiwater in een winbag wel een milieubelastende activiteit? 2. Kan de milieubelastende activiteit nadelige gevolgen hebben? 3. Verrichten eisers de milieubelastende activiteit? 4. Wat is de omvang van de specifieke zorgplicht? 5. Is sprake van een evidente strijd met de specifieke zorgplicht? De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat eiseres 1 niet worden gezien als degene die de milieubelastende activiteit (het opslaan van bedrijfsafvalstoffen) heeft verricht omdat zij slechts de winbag heeft gevuld. De specifieke zorgplicht van artikel 2.11 van het Bal rust dus niet op eiseres 1. De rechtbank vernietigt de aan eiseres 1 opgelegde last onder dwangsom. Eiseres 2 overtreedt naar het oordeel van de rechtbank wel de specifieke zorgplicht. Als een gedraging onder het oude recht was verboden, is dat een aanwijzing dat deze gedraging onder het nieuwe recht een evidente schending van de specifieke zorgplicht kan opleveren en de betrokkene dit redelijkerwijs kan weten. Het college heeft echter onvoldoende onderbouwd waarom moet worden teruggesaneerd tot waardes die zijn gebaseerd op één referentiemeting en daarom sneuvelt ook de aan eiseres 2 opgelegde last onder dwangsom.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.