ECLI:NL:RBROT:2026:10158
Rechtbank Rotterdam
- Uitspraak
- 27 juli 2026
- Zaaknummer
- 12013557 VZ VERZ 25-7213
- Rechtsgebied
- Civiel recht
- Procedure
- Beschikking
Inhoudsindicatie
Verzoek vernietiging van het besluit van 11 november 2025 tot het weigeren van toestemming voor het gebruik van het appartement door een zorginstantie en het verlenen van een vervangende machtiging voor het gebruik van het appartement door die zorginstantie. Volgens verzoeker heeft VvE in de vergadering van 11 november 2025 genoemd besluit genomen in strijd met de redelijkheid en billijkheid. Verzoeker heeft voor een van zijn appartementen een huurovereenkomst met een zorginstantie gesloten die kwetsbare jongeren (jongeren met een lichte verstandelijke beperking en/of psychische problemen) ondersteunt en begeleidt. VvE is het niet eens met de verzoeken, volgens haar is – kort gezegd – verzoeker niet ontvankelijk in zijn verzoeken en is er sprake van een besluit zonder rechtsgevolg zodat er geen grond voor vernietiging bestaat. Voor zover het tot een inhoudelijke beoordeling komt, geldt dat het door de zorginstantie beoogde gebruik niet valt onder de bestemming ‘kantoorruimte’ als bedoeld in de akte van hoofdsplitsing. VvE verzoekt op haar beurt verzoeker te bevelen geen personen meer te laten overnachten en het gebruik van het appartementsrecht als locatie dagbesteding, beschermd wonen of anderszins een met de bestemming ‘kantoorruimte’ strijdige bestemming te staken en gestaakt te houden. Verzoeker krijgt van de kantonrechter ongelijk, het tegenverzoek van VvE wordt gedeeltelijk toegewezen in die zin dat de door de zorginstantie aangeboden activiteiten niet tussen 19.00 uur en 8.00 uur mogen plaatsvinden. Verzoeker is ontvankelijk, verzoek is per e-mail tijdig ingediend. Verzoeker is ook ontvankelijk in zijn verzoek tot het verlenen van een vervangende machtiging. Artikel 5:140 lid 3 BW is niet van toepassing nu verzoeker geen vervangende machtiging tot wijziging van de splitsingsakte verzoekt maar ‘slechts’ een machtiging tot toestaan van het gebruik van het appartement. Artikel 5:130 lid 1 BW juncto artikel 2:15 lid 1 sub b BW juncto artikel 2:8 BW. Er is geen sprake van een ‘besluit’ nu de beslissing niet is gericht op een rechtsgevolg in de zin van de artikelen 2:14 en 2:15 BW (ECLI:NL:GHARL:2022:1126 en ECLI:NL:GHAMS:2025:66). Artikel 5:140 BW. Belangenafweging. Bij de uitleg van een uit de openbare registers kenbare splitsingsakte komt het aan op de daarin tot uitdrukking gebrachte bedoeling van degene die tot splitsing is overgegaan. De splitsingsakte van de hoofd-VvE vermeldt als bestemming van het appartement: ‘kantoorruimte’. Uitleg begrip zonder aansluiting te zoeken bij begrippen uit huurrecht. Naar objectieve maatstaven impliceert het gebruik als kantoorruimte geen activiteiten op de avond en in de nacht, ook niet in de huidige maatschappij waarin er op kantoor flexibelere werktijden worden gehanteerd dan de standaard ‘9 tot 5 uur’. Vrees voor (negatieve) precedentwerking is terecht nu niets wijst op een tijdelijk gebruik terwijl VvE nimmer vooraf is geïnformeerd over de plannen. Er is dan ook een redelijke grond tot het weigeren van toestemming zodat er geen vervangende machtiging wordt verleend.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.