1 Tenlastelegging
De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij - samengevat - het slachtoffer opzettelijk van het leven heeft beroofd (primair) dan wel dat het aan zijn schuld te wijten is dat het slachtoffer [slachtoffer] een schotwond in de borst heeft opgelopen, als gevolg waarvan [slachtoffer] is overleden. Daarnaast wordt hij ervan beschuldigd dat hij een vuurwapen en munitie voorhanden heeft gehad.
De volledige tenlastelegging houdt in dat:
1 primair
hij op of omstreeks 1 november 2025 te Rotterdam, althans in Nederland, opzettelijk een ander, te weten [slachtoffer] van het leven heeft beroofd, door met een vuurwapen een kogel af te vuren/af te schieten in de borst, althans het bovenlichaam, van die [slachtoffer] ;
subsidiair
hij op of omstreeks 1 november 2025 te Rotterdam, althans in Nederland, roekeloos in elk geval zeer, althans aanmerkelijk onvoorzichtig en/of onoplettend heeft gehandeld, zulks terwijl hij zich samen met [slachtoffer] bevond in de keuken van zijn - verdachtes - woning, door:- een vuurwapen in zijn handen te nemen,- dit vuurwapen door te laden,- dit vuurwapen te richten en/of te houden in de richting van die [slachtoffer] en/of- vervolgens het vuurwapen af te laten gaan,waardoor het aan zijn schuld te wijten is dat die [slachtoffer] een schotwond in de borst,althans het bovenlichaam heeft bekomen, met als gevolg dat deze [slachtoffer] is overleden;
2
hij op of omstreeks 1 november 2025 te Rotterdam, althans in Nederland,- een wapen als bedoeld in art. 2 lid 1 van categorie II en/of III van de Wet wapens en munitie, te weten een vuurwapen van een tot op heden onbekend merk/type/kaliber en/of- munitie in de zin van art. 1 onder 4º van de Wet wapens en munitie, te weten munitie als bedoeld in art. 2 lid 2 van die wet van de categorie II onder 1º en/of categorie III, te weten één of meer kogelpatr(o)on(en) van een tot op heden onbekend merk/type/kaliber, voorhanden heeft gehad.