ECLI:NL:RBROT:2026:8296
Rechtbank Rotterdam
- Uitspraak
- 8 juli 2026
- Zaaknummer
- ROT 25/7018 en 25/7027
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie
Wet tijdelijke tolheffing Blankenburgverbinding, beroepen gegrond. De rechtbank ziet aanleiding het totale boetebedrag voor de verschillende overtredingen terug te brengen tot het boetebedrag voor één overtreding, dat wil zeggen € 36,51. Alles tezamen, in onderlinge samenhang bezien, is de rechtbank van oordeel dat de minister in redelijkheid had moeten volstaan met het opleggen van één boete. De minister heeft in redelijkheid een boete opgelegd ten aanzien van de eerste overtreding. Omdat alle overtredingen in een kort tijdsbestek hebben plaatsgevonden en het niet betalen allemaal kan worden teruggevoerd tot de opschorting van de DVO en het bij eiseres daarover bestaande misverstand en de minister deze samenhang in de bezwaarfase ook bekend was, had de minister, gelet op het hiervoor overwogene, ten aanzien van de overige overtredingen in redelijkheid moeten afzien van het opleggen van een boete.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.