ECLI:NL:RBROT:2026:8307
Rechtbank Rotterdam
- Uitspraak
- 10 juli 2026
- Zaaknummer
- ROT 26/4340
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht
- Procedure
- Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie
Verzoeken om een voorlopige voorziening. Het college heeft verzoeker een gemeentelijk briefadres toegekend en heeft daar bepaalde afspraken aan verbonden. Verzoeker is het niet eens met die afspraken, maar de voorzieningenrechter vindt die afspraken niet onredelijk. Het college mocht die afspraken dus eenzijdig aan verzoeker opleggen. Daarnaast heeft het college een last onder dwangsom aan verzoeker opgelegd om hem te dwingen een afspraak te maken voor de controle en schouw van zijn vaartuig. Het maximum aan dwangsommen is verbeurd, maar die worden voorlopig nog niet ingevorderd. Verzoeker heeft voor die zaak dus geen spoedeisend belang bij het treffen van een voorlopige voorziening. Ook is niet gebleken dat het besluit over de last onder dwangsom evident onrechtmatig is. De verzoeken om een voorlopige voorziening worden daarom afgewezen.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.