ECLI:NL:RBROT:2026:8970
Rechtbank Rotterdam
- Uitspraak
- 24 juli 2026
- Zaaknummer
- ROT 23/3690
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie
Uitspraak na twee tussenuitspraken (ECLI:NL:RBROT:2025:8372 en ECLI:NL:RBROT:2025:14479). Verzoek om handhaving tegen warmteleverancier. De rechtbank komt tot de conclusie dat ook het nieuwe wijzigingsbesluit ten aanzien van zowel de montagekosten als het verschil in berekeningsmethode tussen schouwkosten en installatiekosten onvoldoende is gemotiveerd. Nu geen rechtvaardiging is gegeven voor het verschil in berekeningsmethode, had de ACM op basis van de overgelegde informatie moeten concluderen dat de gehanteerde kosten niet redelijk zijn. Zij had dus niet tot afwijzing van het handhavingsverzoek van eiseres mogen overgaan op de grond dat de door [derde belanghebbende] B.V. toegepaste methode voor het bepalen van tarieven voor afleversets redelijk is. De ACM wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen. Toekenning schadevergoeding vanwege overschrijding redelijke termijn van artikel 6 EVRM.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.