ECLI:NL:RBROT:2026:9464
Rechtbank Rotterdam
- Uitspraak
- 4 augustus 2026
- Zaaknummer
- ROT 26/5187 en ROT 26/5188
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht
- Procedure
- Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie
Varia, vovo, handhaving, last onder dwangsom en boete, geen spoedeisend belang. De voorzieningenrechter oordeelt dat verzoeker geen spoedeisend belang heeft bij zijn verzoeken om een voorlopige voorziening. Daarvoor is allereerst redengevend dat het college op [datum] de begunstigingstermijn van de last onder dwangsom heeft verlengd tot zeven weken nadat op het bezwaar is beslist. Verder heeft verzoeker geen inzicht gegeven in zijn financiële situatie. Hij heeft geen (financiële) stukken overgelegd waaruit bijvoorbeeld blijkt van een dreigend faillissement of een acute (financiële) noodsituatie. Daarbij is van belang dat verzoeker het betaalde bedrag in beginsel na afloop van de bodemzaak van het college kan terugvorderen, zo nodig met vergoeding van de wettelijke rente, mocht verzoeker in bezwaar, of in beroep, alsnog in het gelijk worden gesteld. De voorzieningenrechter ziet daarom ook wat betreft de opgelegde boete geen noodzaak voor het treffen van een voorlopige voorziening.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.