ECLI:NL:RVS:2026:3976
Raad van State
- Uitspraak
- 8 juli 2026
- Zaaknummer
- 202200684/3/R4
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie
Bij tussenuitspraak van 19 maart 2025, ECLI:NL:RVS:2025:1183 heeft de Afdeling de raad van de gemeente Hattem opgedragen om binnen twintig weken na verzending van de tussenuitspraak de daarin omschreven gebreken in het besluit van 13 december 2021 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Woonzorgzone, Hattem" te herstellen. Bij besluit van 9 juli 2025 heeft de raad ter uitvoering van de tussenuitspraak het bestemmingsplan "Woonzorgzone, Hattem", opnieuw, zij het gewijzigd, vastgesteld (het herstelbesluit). In de tussenuitspraak heeft de Afdeling geoordeeld dat het besluit van 13 december 2021 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Woonzorgzone, Hattem" in strijd met de artikelen 3:2 en 3:46 van de Awb, artikel 3.1 van de Wet ruimtelijke ordening en de rechtszekerheid is vastgesteld. Daartoe heeft zij in 9.2 van de tussenuitspraak, kort gezegd, overwogen dat de raad de ruimtelijke gevolgen van de voorziene bouw- en gebruiksmogelijkheden binnen de bestemming "Maatschappelijk" onvoldoende heeft onderzocht. De stelling van de raad dat de invulling van de voorziene maatschappelijke bestemming met een Integraal Kindcentrum een representatieve invulling van de maximale planologische mogelijkheden betrof, achtte de Afdeling niet aannemelijk gemaakt.