ECLI:NL:RVS:2026:4628
Raad van State
- Uitspraak
- 12 augustus 2026
- Zaaknummer
- 202505044/1/A2
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie
Bij beslissing van 9 juli 2025 heeft de examencommissie een tentamen van [appellante] ongeldig verklaard en haar uitgesloten van deelname aan alle tentamens in de periode van 1 september 2025 tot 25 januari 2026. Bij beslissing van 5 september 2025 heeft de voorzitter van het college van beroep voor de examens van Hogeschool Rotterdam een verzoek van [appellante] om een voorlopige voorziening toegewezen en een verzoek om vergoeding van de proceskosten afgewezen. [appellante] is studente aan de Hogeschool Rotterdam. De examencommissie heeft aan de beslissing van 9 juli 2025 ten grondslag gelegd dat [appellante] fraude heeft gepleegd. De beslissing van de voorzitter van het CBE van 5 september 2025 houdt in dat [appellante] mag deelnemen aan tentamens in de periode van 1 september 2025 tot 25 januari 2026. Deze tentamens worden echter pas beoordeeld als het CBE het administratief beroep gegrond verklaart. Op 16 september 2025 heeft een schikkingsgesprek plaatsgevonden tussen de examencommissie en [appellante]. In dit gesprek hebben zowel de examencommissie, als [appellante] een schikkingsvoorstel gedaan.