Naar hoofdinhoud

ECLI:NL:RVS:2026:4742

Raad van State

Uitspraak
12 augustus 2026
Zaaknummer
202503739/1/R1
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Procedure
Hoger beroep

Inhoudsindicatie

Bij besluit van 18 september 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Horst aan de Maas een dwangsom ter hoogte van € 20.000,00 ingevorderd bij [appellant]. [appellant] woont op het perceel aan de [locatie] te Horst. Hij verricht daarop bedrijfsactiviteiten die mede zien op de handel in en reparatie van voertuigen, en de handel in bulkgoederen en materialen. Het college heeft bij besluit van 28 november 2022 [appellant] onder meer gelast het opslaan van materialen en bulkgoederen waar dat niet is toegestaan, vóór 1 februari 2023 te beëindigen en beëindigd te houden onder aanzegging van een dwangsom van € 20.000,00. Tegen het besluit tot oplegging van de last onder dwangsom heeft [appellant] geen bezwaar gemaakt, zodat het besluit in rechte onaantastbaar is geworden. Op verzoek van [appellant] heeft het college bij besluiten van 24 januari 2023 en 3 maart 2023 de begunstigingstermijn verlengd tot 1 mei 2023. Toezichthouders van de gemeente hebben bij controles op 15 mei 2023, 23 mei 2023, 26 mei 2023 en 15 juni 2023 geconstateerd dat er op het perceel van [appellant] opslag van diverse bulkgoederen en materialen, zoals pallets, stenen, metalen en huisraad, plaats vond.