ECLI:NL:RVS:2026:4851
Raad van State
- Uitspraak
- 19 augustus 2026
- Zaaknummer
- 202505345/1/A3
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht
- Procedure
- Hoger beroep
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 17 december 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag de aanvraag van [appellant] om een ligplaatsvergunning voor een drijvend terras afgewezen. Op 24 oktober 2024 heeft [appellant] een aanvraag gedaan voor een ligplaatsvergunning voor een drijvend terras behorend bij zijn woonboot aan de [locatie 1]. Het college heeft de ligplaatsvergunning geweigerd omdat het drijvend terras niet voldoet aan de maximale afmetingen. Het drijvend terras is namelijk 0,9 meter diep, terwijl de diepte op grond van artikel 1 van de Verordening op de Binnenwateren voor de gemeente Den Haag (VOB) maximaal 0,6 meter mag zijn.