ECLI:NL:RVS:2026:5018
Raad van State
- Uitspraak
- 26 augustus 2026
- Zaaknummer
- 202406400/1/A3
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht
- Procedure
- Hoger beroep
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 3 maart 2023 heeft de raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen een verzoek om rectificatie van persoonsgegevens afgewezen. [appellante] heeft een rectificatieverzoek ingediend om een rapport van een verzekeringsarts van 17 januari 2023 aan te passen. Het UWV heeft het rectificatieverzoek afgewezen, omdat niet is gebleken van onjuistheden of onvolledigheden in het rapport. Het rectificatieverzoek heeft het UWV als patiëntverklaring toegevoegd aan het medisch dossier. Bij besluit van 12 juni 2023 heeft het UWV zijn besluit gehandhaafd. [appellante] betoogt dat haar rectificatieverzoek beoordeeld had moeten worden door een verzekeringsarts. Dit volgt volgens haar uit artikel 10 van het Reglement Behandeling bezwaarschriften UWV 2022 (het Reglement). Bovendien heeft de rechtbank volgens [appellante] ten onrechte geoordeeld dat het UWV het rectificatieverzoek mocht afwijzen, omdat uit een medisch rapport uit 2011 blijkt dat het rapport van 15 augustus 2012 onjuistheden bevat.