ECLI:NL:RVS:2026:5019
Raad van State
- Uitspraak
- 26 augustus 2026
- Zaaknummer
- 202502959/1/R1
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht
- Procedure
- Hoger beroep
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 22 november 2022 is het college van burgemeester en wethouders van Haarlemmermeer overgegaan tot invordering bij [appellant] van € 31.000,00 aan verbeurde dwangsommen. Bij besluit van 1 juni 2021 heeft het college [appellant] gelast de overtreding van artikel 2.1, eerste lid, onder a en c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht op het adres [locatie] in Badhoevedorp uiterlijk op 1 december 2021 te beëindigen en beëindigd te houden, onder oplegging van een dwangsom van € 15.500,00 per overtreding, dus een maximum van € 31.000,00. Het daartegen door [appellant] gemaakte bezwaar is bij besluit van 17 mei 2022 niet-ontvankelijk verklaard. Het daartegen door [appellant] ingestelde beroep is bij uitspraak van 2 juni 2023 ongegrond verklaard. Op 23 maart 2022 is door een toezichthouder van de gemeente vastgesteld dat de aanbouw door de neef van [appellant] en zijn vriendin wordt bewoond. Op 14 oktober 2022 is door deze toezichthouder vastgesteld dat de aanbouw er nog ongewijzigd staat, het appartement volledig is ingericht met een woonkamer, een slaapkamer, een keuken en badkamer/toilet en dat dit door de neef van [appellant] en zijn vriendin wordt bewoond.