Nadat de gedaagde voor antwoord heeft geconcludeerd, beveelt de rechter een mondelinge behandeling als bedoeld in artikel 87, tenzij hij oordeelt dat de zaak daarvoor niet geschikt is. Uiterlijk twee weken na het in de eerste volzin bedoelde tijdstip beslist de rechter hieromtrent. Tegen deze beslissing staat geen hogere voorziening open.
Door technische eenmaking van het Wetboek is eenmalig de content
van dit element opnieuw vastgesteld. Artikel IV van Stb. 2019/241 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.