Hij die zich als lid van de bemanning van een luchtvaartuig zodanig gedraagt, dat de vrijheid van het verkeer zonder noodzaak wordt belemmerd of de veiligheid in het luchtruim dan wel op de grond of op het water in gevaar wordt gebracht of dat redelijkerwijze is aan te nemen, dat dit het geval kan zijn, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste zes maanden of geldboete van de derde categorie.
Boek Derde › Titel I
Artikel 168
Artikel 168
Onderdeel van Wetboek van Militair Strafrecht· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 1991