Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk IV › § 1

Artikel 30

Artikel 30

Onderdeel van Schepenwet· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 1 juli 2026

1. De artikelen 11, derde lid, 12, derde lid, 13, 17, eerste en tweede lid, 24, 25, 27 en 28 van de Wet op de parlementaire enquête 2008 zijn, voorzover zij niet afwijken van de voorgaande bepalingen van deze rijkswet, van toepassing op het onderzoek, in te stellen door het Hoofd van de Scheepvaartinspectie of de door hem krachtens artikel 29, eerste lid, met het onderzoek belaste ambtenaren en door de Raad. 2. Dezen komen dezelfde bevoegdheden toe als bij die artikelen aan de aldaar bedoelde commissie van onderzoek zijn toegekend. 3. Nochtans zal in het geval, geregeld bij artikel 13 der in het eerste lid genoemde wet, het bevel van medebrenging mede door den voorzitter van den Raad kunnen worden verleend. 4. Ten aanzien van de Commissies van Onderzoek, bedoeld in artikel 26bis, eerste, tweede en derde lid, en de aangewezen ambtenaar van de Scheepvaartinspectie in Aruba, Curaçao of Sint Maarten worden overeenkomstige regelen bij Landsverordening gesteld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel