**1.** De legger houdt in:
het nommer van den weg;
den naam, waaronder de weg bekend staat;
de eindpunten en de richting van den weg;
de beperkingen in het gebruik van den weg, als bedoeld in artikel 6, alsmede de afschuttingen, welke zich op den weg bevinden;
de verharding met vermelding van haren aard, breedte en lengte;
de zich in den weg bevindende bruggen en duikers, met vermelding van hunnen aard, hoofdafmetingen en samenstelling;
de onderhoudsplichtigen van den weg en van de zich daarin bevindende bruggen en duikers;
den omvang van den onderhoudsplicht;
degenen, die tot het onderhoud hebben bij te dragen, met vermelding van de hoegrootheid der bijdrage;
het gezag, dat volgens de artikelen 16 of 17 heeft te zorgen, dat de weg in goeden staat verkeert.
**2.** Van bruggen, welke onder een afzonderlijk nommer op den legger worden gebracht, worden aard, hoofdafmetingen en samenstelling onder VI vermeld.
**3.** Tot den legger behoort eene overzichtskaart op geen kleinere schaal dan 1 op 25 000, waarop de wegen met hunne nommers zijn aangewezen.