Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Artikel 4

Onderdeel van Besluit instelling Centraal Bureau van Bijstand ex artikel 73a Wet op het Notarisambt· Ondernemingspraktijk

Deze tekst geldt sinds 1 januari 1934

1. Alvorens in bediening te treden leggen de voorzitter, de deskundigen en het aan het Centraal Bureau verbonden personeel den volgenden eed (belofte) af: "Ik zweer (beloof) trouw aan den Koning en aan de wetten des Rijks. Ik zweer (verklaar), dat ik middellijk noch onmiddellijk, onder eenigen vorm of voorwendsel, tot het verkrijgen mijner aanstelling aan iemand, wie hij ook zij, iets heb gegeven of beloofd noch zal geven of beloven. Ik zweer (beloof), dat ik, om iets in mijne betrekking te doen of te laten, van niemand hoegenaamd middellijk noch onmiddellijk eenige beloften of geschenken aannemen zal, dat ik mijne taak nauwgezet en ijverig zal volbrengen en de zaken, waarvan ik door mijne bediening kennis draag, en die mij als geheim zijn toevertrouwd of waarvan ik het vertrouwelijk karakter moet begrijpen, niet zal openbaren aan anderen, dan aan hen, aan wie ik volgens de wet of ambtshalve tot mededeeling verplicht ben. Zoo waarlijk helpe mij God almachtig (Dat verklaar en beloof ik)." 2. De voorzitter legt den eed (belofte) af in handen van Onzen Minister van Justitie; de deskundigen en het aan het Centraal Bureau verbonden personeel in handen van den voorzitter. 3. Van de beëediging wordt proces-verbaal opgemaakt.

Rechtspraak bij dit artikel