**1.** De schuldige aan een misdrijf, waarop de bepalingen van dit besluit van toepassing zijn, kan worden veroordeeld:
indien op dat misdrijf bij het Wetboek van Strafrecht gevangenisstraf van vijftien jaren of meer is gesteld, tot levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste twintig jaren;
indien op dat misdrijf bij het Wetboek van Strafrecht gevangenisstraf van minder dan vijftien jaren doch meer dan zeven jaren en zes maanden is gesteld, gevangenisstraf van ten hoogste twintig jaren;
indien op dat misdrijf bij het Wetboek van Strafrecht gevangenisstraf van niet meer dan zeven jaren en zes maanden doch meer dan twee jaren en zes maanden is gesteld, tot het dubbele der daarop gestelde straf;
indien op dat misdrijf bij het Wetboek van Strafrecht gevangenisstraf van twee jaren en zes maanden of minder of hechtenis is gesteld, tot gevangenisstraf van ten hoogste vijf jaren;
een en ander onverminderd de mogelijkheid van oplegging van een zwaardere straf, welke bij het Wetboek van Militair Strafrecht op het misdrijf mocht zijn gesteld.
**2.** Naast of in plaats van andere straffen kan de rechter geldboete opleggen. Het maximum der op te leggen geldboete bedraagt van de vijfde categorie. Indien de rechter beslist, dat de schuldige zich met misbruik van de bijzondere omstandigheden heeft verrijkt, kan dit bedrag worden verhoogd tot het drievoud van het door den rechter geschatte bedrag der verrijking.
De wijzigingsopdracht is niet geheel juist.
Artikel 11
Artikel 11
Onderdeel van Besluit Buitengewoon Strafrecht· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2002