Alvorens in bediening te treden leggen de officieren-fiscaal naar de wijze hunner godsdienstige gezindheid ten overstaan van de president van het Bijzondere Gerechtshof, binnen welks ressort hun ambtsgebied is gelegen, den eed of de belofte af, dat zij hun taak naar plicht en geweten, nauwgezet, onpartijdig en als goede vaderlanders zullen vervullen.
Afdeeling II
Artikel 5
Artikel 5
Onderdeel van Besluit politieke delinquenten 1945· Openbare orde en veiligheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2002