Naar hoofdinhoud

§ 4

Artikel 46j

Artikel 46j

Onderdeel van Advocatenwet· Procesrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2015

1. Tot aan de behandeling van de klacht ter zitting kan de voorzitter van de raad van discipline besluiten dat: de raad kennelijk onbevoegd is; de klacht kennelijk niet-ontvankelijk is; de klacht kennelijk ongegrond is; of de klacht kennelijk van onvoldoende gewicht is. 2. De beslissing als bedoeld in het eerste lid wordt met redenen omkleed. Daarbij wordt gewezen op het bepaalde in het vierde lid. 3. Van de beslissing zendt de griffier van de raad onverwijld een afschrift aan de in het artikel 46i, eerste lid, tweede volzin, bedoelde personen en instanties. 4. Artikel 46h is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de beslissing in het eerste lid. Artikel IVA van Stb. 2014/354 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel