**1.** Met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaar of geldboete van de vijfde categorie wordt gestraft hij die opzettelijk:
een krachtens artikel 2 gegeven bevel niet nakomt;
met betrekking tot zodanig bevel artikel 2, vierde lid, overtreedt;
de nakoming van zodanig bevel of van een in verband met zodanig bevel krachtens artikel 8, eerste lid, getroffen maatregel verhindert of belemmert;
een in verband met zodanige maatregel krachtens artikel 8, tweede lid, van hem gevorderde dienst niet verleent.
**2.** Met gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden of geldboete van de derde categorie wordt gestraft hij, aan wiens schuld te wijten is:
het niet nakomen van een krachtens artikel 2 gegeven bevel;
het overtreden met betrekking tot zodanig bevel van artikel 2, vierde lid;
het verhinderen of belemmeren van de nakoming van zodanig bevel of van een in verband met zodanig bevel krachtens artikel 8, eerste lid, getroffen maatregel;
het niet verlenen van een in verband met zodanige maatregel krachtens artikel 8, tweede lid, van hem gevorderde dienst.
**3.** Met hechtenis van ten hoogste een maand of geldboete van de tweede categorie wordt gestraft hij die:
een krachtens artikel 2a gegeven bevel niet nakomt;
met betrekking tot zodanig bevel artikel 2, vierde lid, overtreedt;
de nakoming van zodanig bevel of van een in verband met zodanig bevel krachtens artikel 8, eerste lid, getroffen maatregel verhindert of belemmert;
een in verband met zodanige maatregel krachtens artikel 8, tweede lid, van hem gevorderde dienst niet verleent.
**4.** De in het eerste en het tweede lid strafbaar gestelde feiten zijn misdrijven; de in het derde lid strafbaar gestelde feiten zijn overtredingen.