Ten aanzien van het in luchtwaardige toestand houden van Nederlandse luchtvaartuigen worden de bewijzen van bevoegdheid afgegeven, geschorst of ingetrokken door Onze Minister en wel, voor wat burgerluchtvaartuigen betreft, naar regelen, gesteld bij of krachtens algemene maatregel van bestuur. Voorts kan Onze Minister bewijzen van gelijkstelling van buitenlandse bewijzen van bevoegdheid afgeven, schorsen en intrekken, naar regelen, gesteld bij of krachtens algemene maatregel van bestuur.
Werkt terug tot en met 1 oktober 1999.
Hoofdstuk III › Afdeling 2
Artikel 9
Artikel 9
Onderdeel van Luchtvaartwet· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 19 januari 2000