Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Artikel 2

Onderdeel van Instellingsbesluit Nieuw-Guinea-herinneringskruis· Staats- en bestuursrecht

Deze tekst geldt sinds 1 oktober 1994

1. Het Nieuw-Guinea Herinneringskruis wordt toegekend aan de militairen van de Koninklijke marine, van de Koninklijke landmacht, van de Koninklijke luchtmacht alsmede aan de militairen van het voormalig Koninklijk Nederlands Indonesisch Leger, die in Nieuw-Guinea of de aangrenzende zeegebieden gedurende het tijdvak van 28 december 1949 tot 23 november 1962 ten minste drie maanden in werkelijke dienst zijn geweest. 2. Het herinneringskruis kan mede worden toegekend aan niet-militairen, Nederlanders, die zich in het tijdvak, genoemd in het eerste lid, in militaire zin verdienstelijk hebben gemaakt. 3. Aan hen die in 1962 in de gebieden, genoemd in het eerste lid, in militair verband hebben deelgenomen aan een actie of een verkennings- of patrouilletocht, bevolen door de militaire overheid, wordt een gesp toegekend. De toekenning van de gesp is onafhankelijk van de duur van de actie of tocht waaraan werd deelgenomen. 4. Zij, die in aanmerking komen voor een gesp, hebben tevens aanspraak op het herinneringskruis, ook indien zij niet voldoen aan de diensttijdseis, genoemd in het eerste lid. 5. Het herinneringskruis, eventueel met gesp, kan posthuum worden toegekend.

Rechtspraak bij dit artikel