Ingeval een inwoner van een van de landen binnen een periode van twaalf maanden voorafgaande aan het doen van een schenking inwoner is geweest van een van de andere landen, kan in dat andere land ter zake van die schenking een aanvullend bedrag aan belasting worden geheven. Dit aanvullend belastingbedrag overschrijdt niet het bedrag dat, zo de schenker ten tijde van de schenking nog inwoner van dat andere land was, in de beide landen te zamen meer zou zijn geheven ter zake van de schenking.
Hoofdstuk II › Afdeling 2
Artikel 29
Artikel 29
Onderdeel van Belastingregeling voor het Koninkrijk· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 1965