**1.** Indien recht is ontstaan op weduwepensioen of een wezenpensioen na 31 december 2000 heeft de weduwe die de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, nog niet heeft bereikt, onderscheidenlijk de wees, in afwijking van de Wet brutering overhevelingstoeslag lonen, recht op een toeslag ter grootte van 1,9% van dat pensioen, met een maximum van € 791,85 per jaar.
**2.** Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt de toeslag krachtens dit artikel niet onder pensioen of uitkering begrepen.
Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I van de Wet verhoging AOW- en pensioenrichtleeftijd in werking treedt.
Afdeling Vierde › hoofdstuk Derde
Artikel 19a
Artikel 19a
Onderdeel van Wet aanpassing pensioenvoorzieningen Bijstandkorps· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2013