Naar hoofdinhoud

Titel 5

Artikel 131

Artikel 131

Onderdeel van Overgangswet nieuw Burgerlijk Wetboek· Personen- en familierecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2003

Ingeval voor het tijdstip van het in werking treden van de wet een beding is gemaakt dat een goed van een niet van tafel en bed gescheiden echtgenoot of van een geregistreerde partner onder opschortende voorwaarde of onder opschortende tijdsbepaling zonder redelijke tegenprestatie op de andere echtgenoot of geregistreerde partner overgaat of kan overgaan, en dit beding na bedoeld tijdstip wordt toegepast in geval van overlijden van degene aan wie het goed toebehoort, is de vordering van een legitimaris, voor zover deze ten laste zou komen van de verkrijgende echtgenoot of geregistreerde partner, eerst opeisbaar na diens overlijden. Hetzelfde geldt in geval van zodanig beding ten behoeve van een andere levensgezel, mits deze met degene aan wie het goed toebehoort een gemeenschappelijke huishouding voerde en het beding bij notarieel verleden samenlevingsovereenkomst of andere notariële akte was gemaakt. Tekstplaatsing met aanpassing van de in de regeling genoemde nummering. De gegevens van inwerkingtreding zijn ontleend aan de bron van aankondiging van de tekstplaatsing.

Rechtspraak bij dit artikel