Naar hoofdinhoud

afdeling Derde › Hoofdstuk 11

Artikel 58

Het recht op ouderdomspensioen

Onderdeel van Algemene pensioen- en uitkeringswet politieke ambtsdragers· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 11 december 2024

Een persoon die kamerlid is of kamerlid is geweest, heeft met overeenkomstige toepassing van hoofdstuk 4 en de artikelen 40a, 40b en 40c recht op ouderdomspensioen, met dien verstande dat: voor «dienstjaar» gelezen wordt «kamerlidjaar»; en voor «hoofdstuk 3»gelezen wordt «hoofdstuk 10».

Rechtspraak bij dit artikel